Net zoals ze in mijn geboorteplaats zeggen dat je geen echte Boskoper bent als je niet een keer in een (Boskoopse) sloot gelegen hebt, is het hier als eilandbewoner nauwelijks te voorkomen dat je een keer uit een bootje duikelt. De opmerkzame lezer voelt natuurlijk al nattigheid... Inderdaad, Rob is tussen wal en schip geraakt.
Af en toe werkt Roberto in een restaurant/bar op Carenero (het eilandje tussen Colón en Bastimentos) en afgelopen zaterdag moest hij werken. Om vijf uur 's middags is hij klaar en probeert hij een bootje terug naar Bastimentos te krijgen. Dat blijkt makkelijker gezegd dan gedaan want de enige bootjes die voorbij varen gaan richting Colón. Na bijna twee uur tevergeefs naar bootjes te hebben gezwaaid, besluit hij uiteindelijk maar een bootje naar Colón te nemen in de hoop dat het eenvoudiger is om van daaruit een bootje terug naar Bastimentos te krijgen. Inmiddels is het al na zevenen en dus donker, maar gelukkig vindt hij een bekende die nog terug gaat naar Bastimentos en rond 8 uur wordt Rob afgezet op de steiger. Juist op het moment dat hij uit het bootje klimt, komt er een golf die het bootje plotseling meeneemt. Roberto, met één voet op de steiger en de andere nog in het bootje, hangt een fractie van een seconde in een spagaat en kukelt dan onvermijdelijk het water in. Op zich geen ramp en komisch bovendien, ware het niet dat hij zijn bril kwijt is...
Hij probeert nog te zoeken maar in het donker heeft dat geen enkele zin dus de volgende ochtend gaan we, gewapend met duikbril, terug naar de plek des onheils. Helaas, die nacht heeft het ongelooflijk hard geregend en het water is één groen-grijze modderpoel; we kunnen de bril wel als verloren beschouwen.
Er moet dus een nieuwe komen en daarvoor moeten we naar het vasteland. In Changuinola zit één opticien maar oogmetingen worden daar maar een paar keer per maand gedaan en een telefoontje leert ons dat de eerstvolgende mogelijkheid pas over een dag of tien is. Dan dus toch maar weer naar David. Om zo vroeg mogelijk ter plaatse te zijn, vertrekt Rob dinsdag voor dag en dauw en rond half 12 is hij bij de opticien. Als hij uitlegt dat hij het liefst de bril zo snel mogelijk heeft omdat hij te ver van huis zit om op één dag heen en terug te kunnen reizen, krijgt hij te horen dat ze de bril nog diezelfde dag zullen maken en ´s middags om 5 uur kan hij hem al ophalen!
Omdat hij nu toch in David is, gaat hij ook maar eventjes bij het ziekenhuis langs en daar krijgt hij de uitslag van het pathologisch onderzoek van het plekje dat uit zijn arm gehaald is: goedaardig!
Dik tevreden, neemt Rob de volgende ochtend héél vroeg de bus, zodat hij al om half 11 's ochtends weer thuis is. Precies op tijd voor de wedstrijd Australië-Nederland....
vrijdag 20 juni 2014
woensdag 4 juni 2014
Van de grote stad naar een verlaten strand
We hebben er weer een paar dagen David op zitten, waar het ziekenhuis altijd ons hoofddoel is. Het was namelijk tijd voor mijn halfjaarlijkse controle en Roberto had een paar verdachte plekjes waar hij naar wilde laten kijken. Normaal gesproken doen ze hier niet aan afspraken maar de arts kent ons inmiddels en omdat we van ver moeten komen, hadden we het zo kunnen regelen dat we de ene dag op consult konden komen en (mocht dat nodig blijken) de volgende dag direct geholpen konden worden.
Mijn uitstrijkje kon even tussendoor gedaan worden en die bleek (nu al voor de derde keer) helemaal goed te zijn. Daarna gaan we door naar Roberto's arts. Twee van de drie plekjes blijken absoluut niets bijzonders te zijn maar de derde (op zijn linkerarm) vindt ook de arts verdacht, dus die wordt de volgende dag, onder plaatselijke verdoving, verwijderd. Het is een kleine ingreep en een uurtje later staat Roberto vrolijk en pijnloos weer buiten.
De rest van de tijd gebruiken we om boodschappen te doen, want als je dan tóch in de stad bent dan zijn er altijd wel dingen die je hier beter of goedkoper kunt krijgen. Twee dagen later arriveren we dus bepakt en bezakt weer in Bocas waar we joviaal begroet worden door de bootkapitein die ons naar Bastimentos vaart. Cabroles is een kolossale vent van minstens 150 kg en een stem die galmt als een kerkklok. Als hij achterstevoren in zijn boot klautert, laat hij een juweeltje van een bouwvakkers-decolleté zien. Yep, we zijn weer thuis. ;o)
Afgelopen zaterdag doen we eindelijk de tour die al jaren op ons lijstje staat, maar waar het om de één of andere reden nooit van gekomen is: de Turtle-tour. Ieder jaar tussen april en augustus komen de schildpadden namelijk hun eieren leggen op de diverse stranden van Colón en Bastimentos. Er is een vrijwilligersorganisatie die ze bewaakt en beschermd en op één strand (Playa Bluff op Colón) begeleiden ze ook een tour voor toeristen.
We hadden expres voor deze zaterdag gekozen omdat het nieuwe maan is en het dus erg donker is en de kans om schildpadden te zien het grootst is. Bovendien zitten we halverwege het seizoen wat inhoudt dat de eieren van de Hawksbill Turtle (Karetschildpad) beginnen uit te komen en de Leatherback Turtle (Lederschildpad) komt om eieren te leggen. We hadden dus kans om allebei de schildpadden te zien.
Rond 21.30 uur beginnen we onze wandeling over het brede strand met boven ons een maanloze met sterren bezaaide hemel en rechts van ons de grote witte golven van de branding. Met een rood led-lichtje wijst onze gids op oude sporen en nesten van schildpadden die de voorgaande avonden geweest zijn. Al gauw zien we verderop een rood lampje signalen geven: de spotters die vooruit gelopen zijn, hebben een schildpad gesignaleerd, maar ze staan helemaal aan het einde van het strand, minstens anderhalve kilometer verderop. We zetten er dus flink de sokken in, maar het mulle zand maakt onze vorderingen traag en het kost ons zeker twintig minuten om de betreffende plek te bereiken. Tegen die tijd is de schildpad helaas al vertrokken en kunnen we alleen nog de sporen en het verse nest van de Hawksbill Turtle bewonderen.
In een rustiger tempo lopen we over het strand weer terug, maar helaas, alle gunstige voorwaarden ten spijt, worden we niet beloond met een schildpad. Tja, zelfs als je de best dag van het jaar kan uitkiezen, heb je geen garanties...
Mijn uitstrijkje kon even tussendoor gedaan worden en die bleek (nu al voor de derde keer) helemaal goed te zijn. Daarna gaan we door naar Roberto's arts. Twee van de drie plekjes blijken absoluut niets bijzonders te zijn maar de derde (op zijn linkerarm) vindt ook de arts verdacht, dus die wordt de volgende dag, onder plaatselijke verdoving, verwijderd. Het is een kleine ingreep en een uurtje later staat Roberto vrolijk en pijnloos weer buiten.
De rest van de tijd gebruiken we om boodschappen te doen, want als je dan tóch in de stad bent dan zijn er altijd wel dingen die je hier beter of goedkoper kunt krijgen. Twee dagen later arriveren we dus bepakt en bezakt weer in Bocas waar we joviaal begroet worden door de bootkapitein die ons naar Bastimentos vaart. Cabroles is een kolossale vent van minstens 150 kg en een stem die galmt als een kerkklok. Als hij achterstevoren in zijn boot klautert, laat hij een juweeltje van een bouwvakkers-decolleté zien. Yep, we zijn weer thuis. ;o)
Afgelopen zaterdag doen we eindelijk de tour die al jaren op ons lijstje staat, maar waar het om de één of andere reden nooit van gekomen is: de Turtle-tour. Ieder jaar tussen april en augustus komen de schildpadden namelijk hun eieren leggen op de diverse stranden van Colón en Bastimentos. Er is een vrijwilligersorganisatie die ze bewaakt en beschermd en op één strand (Playa Bluff op Colón) begeleiden ze ook een tour voor toeristen.
We hadden expres voor deze zaterdag gekozen omdat het nieuwe maan is en het dus erg donker is en de kans om schildpadden te zien het grootst is. Bovendien zitten we halverwege het seizoen wat inhoudt dat de eieren van de Hawksbill Turtle (Karetschildpad) beginnen uit te komen en de Leatherback Turtle (Lederschildpad) komt om eieren te leggen. We hadden dus kans om allebei de schildpadden te zien.
Rond 21.30 uur beginnen we onze wandeling over het brede strand met boven ons een maanloze met sterren bezaaide hemel en rechts van ons de grote witte golven van de branding. Met een rood led-lichtje wijst onze gids op oude sporen en nesten van schildpadden die de voorgaande avonden geweest zijn. Al gauw zien we verderop een rood lampje signalen geven: de spotters die vooruit gelopen zijn, hebben een schildpad gesignaleerd, maar ze staan helemaal aan het einde van het strand, minstens anderhalve kilometer verderop. We zetten er dus flink de sokken in, maar het mulle zand maakt onze vorderingen traag en het kost ons zeker twintig minuten om de betreffende plek te bereiken. Tegen die tijd is de schildpad helaas al vertrokken en kunnen we alleen nog de sporen en het verse nest van de Hawksbill Turtle bewonderen.
In een rustiger tempo lopen we over het strand weer terug, maar helaas, alle gunstige voorwaarden ten spijt, worden we niet beloond met een schildpad. Tja, zelfs als je de best dag van het jaar kan uitkiezen, heb je geen garanties...
zondag 25 mei 2014
Zomaar een dag
Sinds de terugkeer van onze Holland-tour anderhalve week geleden zijn we alweer comfortabel in onze sabbatical gegleden. Iets waar veel mensen toch wel nieuwsgierig naar zijn. De meest gestelde vraag die we in Nederland kregen was dan ook: "Wat doen jullie nu eigenlijk de hele dag?" Roberto's favoriete antwoord: "Zo weinig mogelijk!"
Maar daarmee is de vraag natuurlijk niet beantwoord. Daarom nu een verslag van zomaar een dag.
Vandaag worden we, vroeg in de ochtend, gewekt door een stevige regenbui die in een luidruchtig staccato op ons golfplaten dak klettert. Als ik door het raam over de baai uitkijk, kan ik nauwelijks het einde van het dorp onderscheiden. De andere eilanden zijn verdwenen achter een grijze muur van regen. We draaien ons nog een keertje om maar van slapen komt het niet meer met die herrie. We staan op en beginnen de dag met een kopje thee. De computer gaat aan en we checken de mail. Het zijn er niet veel en het merendeel ervan is nog van Facebook.
Terwijl Roberto op de computer de krant gaat lezen, veeg ik het huis aan, een zeer ondankbaar klusje omdat je er na 5 minuten al niets meer van ziet. Daarna ga ik een was draaien. En ondanks dat ik tegenwoordig een wasmachine heb, gaat dit (zonder wasprogramma's of temperatuurinstellingen) nog steeds maar semi-automatisch: Was in de trommel, zeep erbij, via de kraan de trommel met koud water laten vollopen en de timer zetten. Dan draait de machine voor 15 minuten. Daarna het water via een slang naar buiten laten lopen, opnieuw met water vullen en de timer zetten. De machine spoelt voor 15 minuten. Stap 2 nogmaals herhalen. Tot slot het water weer laten weglopen en de was in gedeeltes in de centrifuge overhevelen. Ik hang de was achter op de veranda onder een afdakje maar met deze regen zal het wel niet snel drogen.
Na een verlaat ontbijtje kruipen we allebei in de hangmat voor onze favoriete bezigheid: lezen. Even later wordt er beneden onze veranda geroepen. Het is de limoenen-man Dio, een oud fragiel mannetje met anderhalve tand in zijn mond, die een paar huizen verderop woont. Hij wil weten of we nog limoenen nodig hebben. Ja graag! Een uurtje later komt hij met zijn versleten rugzakje vol vers geplukte, heerlijk fris geurende limoenen binnen. Hij babbelt er lustig op los, hoewel we er niet veel van begrijpen. De dorpsbewoners zeggen dat hij "iets mist in zijn hoofd". Hij heeft namelijk een beroerte gehad en dat, in combinatie met zijn bijna tandloze mond, zorgt ervoor dat hij nauwelijks te verstaan is. We laten 'm rustig brabbelen en lachen en knikken op de juiste momenten.
De regen heeft inmiddels plaats gemaakt voor een warm zonnetje en Roberto gaat even boodschappen doen. Hij wil net de deur uitlopen als er aan de voorkant geroepen wordt: "Hola!" Aan het accent te horen toeristen. Ze willen weten of dit de juiste weg is naar Wizard Beach. Roberto wijst naar het smalle spoor dat de jungle ingaat. "Ja hoor, gewoon dat pad volgen. Het is nog ongeveer een kwartiertje, maar met de regen van vanmorgen zal het wel modderig zijn" waarschuwt hij. Soms kijken de mensen dan bedenkelijk maar de meesten laten zich niet ontmoedigen en met een vriendelijk "gracias" vervolgen ze hun weg.
We breken de middag door eventjes te buurten bij Chris. In Tio Tom is altijd wel iets te doen; als Chris niet bezig is met alweer een nieuw en ambitieus project, dan zijn er wel gasten met een interessant verhaal.
's Avonds na het eten zitten we buiten onder het genot van een kopje koffie de vleermuisjes te bewonderen die tijdens de schemering rond de veranda fladderen, als we beneden iemand met een zaklamp rond het huis van de buurman zien scharrelen. Als goeie buur roepen we een "wie daar". Het blijkt Vladi te zijn, onze buurman en tevens huisbaas. Hij is zijn sleutel vergeten en probeert via een raam het huis binnen te komen. Sinds de 7 maanden dat we hier nu wonen, is het al de derde keer dat hem dat overkomt. Geroutineerd klimt hij op de watertank en wipt het houten luik van zijn slaapkamerraam open. Niet voor de eerste keer merk ik op dat het toch wel eg handig is dat je weet dat je zo makkelijk je eigen huis binnen kan komen. Het lijkt Vladi niet te deren en met een "Goodnight" verdwijnt hij het huis in.
Roberto en ik maken ons op voor een avondje televisie. De computer wordt op het kleine tafeltje op de veranda gezet en we nestelen ons in de luie stoelen. Vanavond wordt het een film: "Twelve years a slave".
En zo is er dan zomaar een dag weer ten einde...
Maar daarmee is de vraag natuurlijk niet beantwoord. Daarom nu een verslag van zomaar een dag.
Vandaag worden we, vroeg in de ochtend, gewekt door een stevige regenbui die in een luidruchtig staccato op ons golfplaten dak klettert. Als ik door het raam over de baai uitkijk, kan ik nauwelijks het einde van het dorp onderscheiden. De andere eilanden zijn verdwenen achter een grijze muur van regen. We draaien ons nog een keertje om maar van slapen komt het niet meer met die herrie. We staan op en beginnen de dag met een kopje thee. De computer gaat aan en we checken de mail. Het zijn er niet veel en het merendeel ervan is nog van Facebook.
Terwijl Roberto op de computer de krant gaat lezen, veeg ik het huis aan, een zeer ondankbaar klusje omdat je er na 5 minuten al niets meer van ziet. Daarna ga ik een was draaien. En ondanks dat ik tegenwoordig een wasmachine heb, gaat dit (zonder wasprogramma's of temperatuurinstellingen) nog steeds maar semi-automatisch: Was in de trommel, zeep erbij, via de kraan de trommel met koud water laten vollopen en de timer zetten. Dan draait de machine voor 15 minuten. Daarna het water via een slang naar buiten laten lopen, opnieuw met water vullen en de timer zetten. De machine spoelt voor 15 minuten. Stap 2 nogmaals herhalen. Tot slot het water weer laten weglopen en de was in gedeeltes in de centrifuge overhevelen. Ik hang de was achter op de veranda onder een afdakje maar met deze regen zal het wel niet snel drogen.
Na een verlaat ontbijtje kruipen we allebei in de hangmat voor onze favoriete bezigheid: lezen. Even later wordt er beneden onze veranda geroepen. Het is de limoenen-man Dio, een oud fragiel mannetje met anderhalve tand in zijn mond, die een paar huizen verderop woont. Hij wil weten of we nog limoenen nodig hebben. Ja graag! Een uurtje later komt hij met zijn versleten rugzakje vol vers geplukte, heerlijk fris geurende limoenen binnen. Hij babbelt er lustig op los, hoewel we er niet veel van begrijpen. De dorpsbewoners zeggen dat hij "iets mist in zijn hoofd". Hij heeft namelijk een beroerte gehad en dat, in combinatie met zijn bijna tandloze mond, zorgt ervoor dat hij nauwelijks te verstaan is. We laten 'm rustig brabbelen en lachen en knikken op de juiste momenten.
De regen heeft inmiddels plaats gemaakt voor een warm zonnetje en Roberto gaat even boodschappen doen. Hij wil net de deur uitlopen als er aan de voorkant geroepen wordt: "Hola!" Aan het accent te horen toeristen. Ze willen weten of dit de juiste weg is naar Wizard Beach. Roberto wijst naar het smalle spoor dat de jungle ingaat. "Ja hoor, gewoon dat pad volgen. Het is nog ongeveer een kwartiertje, maar met de regen van vanmorgen zal het wel modderig zijn" waarschuwt hij. Soms kijken de mensen dan bedenkelijk maar de meesten laten zich niet ontmoedigen en met een vriendelijk "gracias" vervolgen ze hun weg.
We breken de middag door eventjes te buurten bij Chris. In Tio Tom is altijd wel iets te doen; als Chris niet bezig is met alweer een nieuw en ambitieus project, dan zijn er wel gasten met een interessant verhaal.
's Avonds na het eten zitten we buiten onder het genot van een kopje koffie de vleermuisjes te bewonderen die tijdens de schemering rond de veranda fladderen, als we beneden iemand met een zaklamp rond het huis van de buurman zien scharrelen. Als goeie buur roepen we een "wie daar". Het blijkt Vladi te zijn, onze buurman en tevens huisbaas. Hij is zijn sleutel vergeten en probeert via een raam het huis binnen te komen. Sinds de 7 maanden dat we hier nu wonen, is het al de derde keer dat hem dat overkomt. Geroutineerd klimt hij op de watertank en wipt het houten luik van zijn slaapkamerraam open. Niet voor de eerste keer merk ik op dat het toch wel eg handig is dat je weet dat je zo makkelijk je eigen huis binnen kan komen. Het lijkt Vladi niet te deren en met een "Goodnight" verdwijnt hij het huis in.
Roberto en ik maken ons op voor een avondje televisie. De computer wordt op het kleine tafeltje op de veranda gezet en we nestelen ons in de luie stoelen. Vanavond wordt het een film: "Twelve years a slave".
En zo is er dan zomaar een dag weer ten einde...
donderdag 15 mei 2014
Hollandse tournee
Het is alweer een maand geleden dat ik voor het laatst geblogd heb; hoog tijd dus voor een update.
Nadat we zijn bijgekomen van de meerdaagse marathon om onze verblijfs- en werkvergunningen te verkrijgen, wordt het ineens druk. Roberto draait nog eventjes een IDC (instructeurs-cursus) mee in Bocas terwijl ik de voorbereidingen tref voor onze volgende vakantie: Nederland!
Woensdagochtend 23 april vliegen we van Bocas naar Panama Stad, waar we eventjes bij de ambassade langsgaan om de eerder aangevraagde documenten (die benodigd zijn om in Nederland nieuwe paspoorten aan te vragen) op te halen. Na een korte nacht vertrekken we de volgende ochtend al om 8 uur vanaf vliegveld Tocumen. We hebben er dit keer voor gekozen om via Amerika te vliegen omdat dat aanzienlijk goedkoper is dan de rechtstreekse vlucht met de KLM. Het nadeel is dat we een tussenstop van ruim 7 uur in Atlanta moeten volmaken, maar na een maaltijd en wat borrels op het vliegveld vallen we tijdens de volgende vlucht tenminste in een lekker doezelslaapje.
Het weerzien in Nederland is heerlijk. Als we vrijdag 25 april arriveren, is het lekker weer en we kunnen zaterdag 26 april van een zonnige Koningsdag genieten. Op maandag regelen we een paar zakelijke dingen, zoals wat noodzakelijke aankopen en het aanvragen van nieuwe paspoorten. Dat laatste verloopt soepel en snel en na 4 dagen zijn we in het bezit van onze paspoorten die (bijkomend voordeel) dit keer 10 jaar geldig zijn!
De rest van de vakantie staat in het teken van familie en vrienden. De eerste week verblijven we in het westen van het land zodat we met regelmaat de diverse familieleden kunnen bezoeken en de week daarop gaan we op tournee door Nederland. Iedere dag staat er een nieuw bezoek gepland: de vroegere buurtjes in Veghel, vrienden in Veghel, vrienden in Helmond, vrienden in Terneuzen.
We worden door iedereen even warm onthaald en genieten van een hapje en een drankje en vooral van de verhalen en gesprekken.
Aan het eind van de tweede week keren we terug naar het westen en is het alweer tijd voor het afscheidsrondje aan de familie.
Tijdens de terugreis bewijzen onze Panamese verblijfsvergunningen hun nut. Omdat we via Amerika vliegen, worden we op Schiphol aan een verhoor onderworpen en vraagt men o.a. waar we wonen: Panama. Kunt u dat aantonen? Met schwung halen we onze kaartjes te voorschijn: Tada!
De kaartjes leveren ons ook tijdswinst op. Als we maandagavond 12 mei arriveren in Panama blijkt het ongelooflijk druk te zijn en staan er lange rijen bij de douane. Maar er is een apart loket voor "Panameños y residentes". Bij navraag blijkt dat wij nu, met ons kaartje, ook daartoe behoren, dus kunnen we aansluiten in de korte rij en staan we binnen 5 minuten buiten.
Tot slot besparen de vergunningen ons nog wat geld, want sinds kort wordt er bij aankomst op het vliegveldje in Bocas toeristenbelasting geïnd, maar op vertoon van ons kaartje kunnen we zonder problemen doorlopen.
De Hollandse tournee zit er weer op, het was weer geweldig om iedereen te zien. Lieve familie en vrienden: bedankt voor een heerlijke tijd!
Nadat we zijn bijgekomen van de meerdaagse marathon om onze verblijfs- en werkvergunningen te verkrijgen, wordt het ineens druk. Roberto draait nog eventjes een IDC (instructeurs-cursus) mee in Bocas terwijl ik de voorbereidingen tref voor onze volgende vakantie: Nederland!
Woensdagochtend 23 april vliegen we van Bocas naar Panama Stad, waar we eventjes bij de ambassade langsgaan om de eerder aangevraagde documenten (die benodigd zijn om in Nederland nieuwe paspoorten aan te vragen) op te halen. Na een korte nacht vertrekken we de volgende ochtend al om 8 uur vanaf vliegveld Tocumen. We hebben er dit keer voor gekozen om via Amerika te vliegen omdat dat aanzienlijk goedkoper is dan de rechtstreekse vlucht met de KLM. Het nadeel is dat we een tussenstop van ruim 7 uur in Atlanta moeten volmaken, maar na een maaltijd en wat borrels op het vliegveld vallen we tijdens de volgende vlucht tenminste in een lekker doezelslaapje.
Het weerzien in Nederland is heerlijk. Als we vrijdag 25 april arriveren, is het lekker weer en we kunnen zaterdag 26 april van een zonnige Koningsdag genieten. Op maandag regelen we een paar zakelijke dingen, zoals wat noodzakelijke aankopen en het aanvragen van nieuwe paspoorten. Dat laatste verloopt soepel en snel en na 4 dagen zijn we in het bezit van onze paspoorten die (bijkomend voordeel) dit keer 10 jaar geldig zijn!
De rest van de vakantie staat in het teken van familie en vrienden. De eerste week verblijven we in het westen van het land zodat we met regelmaat de diverse familieleden kunnen bezoeken en de week daarop gaan we op tournee door Nederland. Iedere dag staat er een nieuw bezoek gepland: de vroegere buurtjes in Veghel, vrienden in Veghel, vrienden in Helmond, vrienden in Terneuzen.
We worden door iedereen even warm onthaald en genieten van een hapje en een drankje en vooral van de verhalen en gesprekken.
Aan het eind van de tweede week keren we terug naar het westen en is het alweer tijd voor het afscheidsrondje aan de familie.
Tijdens de terugreis bewijzen onze Panamese verblijfsvergunningen hun nut. Omdat we via Amerika vliegen, worden we op Schiphol aan een verhoor onderworpen en vraagt men o.a. waar we wonen: Panama. Kunt u dat aantonen? Met schwung halen we onze kaartjes te voorschijn: Tada!
De kaartjes leveren ons ook tijdswinst op. Als we maandagavond 12 mei arriveren in Panama blijkt het ongelooflijk druk te zijn en staan er lange rijen bij de douane. Maar er is een apart loket voor "Panameños y residentes". Bij navraag blijkt dat wij nu, met ons kaartje, ook daartoe behoren, dus kunnen we aansluiten in de korte rij en staan we binnen 5 minuten buiten.
Tot slot besparen de vergunningen ons nog wat geld, want sinds kort wordt er bij aankomst op het vliegveldje in Bocas toeristenbelasting geïnd, maar op vertoon van ons kaartje kunnen we zonder problemen doorlopen.
De Hollandse tournee zit er weer op, het was weer geweldig om iedereen te zien. Lieve familie en vrienden: bedankt voor een heerlijke tijd!
dinsdag 15 april 2014
De langste dag
Zaterdag 12 april zijn we de hele dag bezig met het verkrijgen van onze verblijfsvergunning. En dan bedoel ik letterlijk de héle dag: de volle vierentwintig uur! Via Facebook hadden we al gruwelverhalen gelezen dat de procedures dag en nacht doorgingen en we hadden ons laten vertellen dat mensen al 's morgens om 5 uur in de rij stonden, dus we hadden ons mentaal voorbereid. Zoals de Engelsen zeggen: "Prepare for the worst and hope for the best" oftewel "Bereid je op het ergste voor en hoop er het beste van". In dit geval hadden we wel een afspraak moeten maken, maar die geldt alleen voor de betreffende dag en verder verloopt het volgens het aloude Panamese principe: wie eerst komt, eerst maalt. We staan dus om 4 uur 's ochtends op en melden ons kwart over 5 aan in een gymzaal die al vol zit met mensen. We zijn nummer 357 en 358... Yep, het wordt een laaaaaaange dag!
Het blijkt dat je je al vanaf één minuut over twaalf 's nachts had kunnen aanmelden en er zijn al honderden mensen die dat gedaan hebben en de rest van de nacht in de gymzaal geslapen hebben. Overal liggen, hangen en zitten mensen te slapen, te eten, te lezen of (de grote favoriet) een spelletje te spelen op hun telefoon. Het wordt een dag van wachten, wachten, wachten.
De mensen komen echt uit alle windstreken van de wereld (Amerika, Europa,China) maar het grootste gedeelte is vertegenwoordigd door Venezuela, Colombia, Costa Rica, Nicaragua, Honduras en Guatemala. Om de mensen een beetje bezig te houden, roept de zaalwacht (een medewerker van het Ministerio de Migración) de verschillende nationaliteiten op om samen voorin de zaal hun volkslied te komen zingen, iets wat met name de Latijns-Amerikanen vol overgave doen. Tegen de tijd dat de volksliederen op raken, gaat het automatisch over in een karaoke van populaire liedjes. Het lijkt wel alsof er een onzichtbare stip op de grond van de gymzaal staat in deze internationale versie van Idols... Tussen de "optredens" door komen er medewerkers van de Migración binnen die iedere keer weer een lange lijst van namen oplezen (waarbij de Chinese namen steevast een golf van gegiechel veroorzaken) en de mensen meenemen naar elders.
Het is 13.00 uur als we eindelijk onze namen horen en we in een lange rij, in de ganzenpas, naar een ander gebouw begeleid worden. Daar moeten we ons registreren en worden onze vingerafdrukken genomen en vervolgens worden we weer terug gestuurd naar de gymzaal om te wachten op de volgende fase. Die vindt plaats om 18.00 uur. We worden weer opgehaald uit de gymzaal en naar het andere gebouw gebracht, waar we buiten, op volgorde van nummer, moeten plaatsnemen in rijen stoelen en iedere keer als er een groep mensen naar binnen gehaald wordt, schuiven we een aantal stoelen op naar voren. Het is even na 21.00 uur als we eindelijk het gebouw in kunnen, maar ook daar gaat de stoelendans gewoon verder. Om 23.45 uur worden onze namen geroepen en stappen we de ruimte binnen waar de daadwerkelijke afhandeling plaatsvindt.
Het is een grote zaal waar minstens 40 mensen achter even zoveel computers zitten. Terwijl we onze papieren aan de medewerker van Migración overhandigen, merkt Rob op: "Je moet er niet aan denken dat hier de stroom uitvalt". De medewerker is druk bezig met het invoeren van onze gegeven, als de baas zijn mensen informeert dat het twaalf uur is en dat ze de datum in hun computer moeten aanpassen naar 13 april. Ik kijk Roberto aan en grap: "Ojee, de dertiende." Nog geen vijf minuten later valt de stroom uit en zitten we in het donker. Je moet ook geen geintjes maken... Gelukkig is ook het Ministerio de Migración op het ergste voorbereid en hebben ze een grote generator achter de hand.
Het proces zelf gaat redelijk soepel. We moeten van de ene medewerker naar de ander (iedere keer weer wachtend tot je naam geroepen wordt) om de verschillende handelingen af te werken en om 02.30 uur hebben we de officiële verklaring in handen. Dan moeten we nog naar een gebouw aan de overkant van de straat om een digitale foto te laten maken en dan, om 03.30 uur krijgen we het felbegeerde kaartje: onze Permanencia Provisional!
Even zijn we bang dat we voor de rest van de nacht in Bocas gestrand zijn, want normaal gesproken varen er 's nachts geen bootjes, maar we hebben mazzel. We komen iemand anders van Bastimentos tegen die ook net haar kaartje gekregen heeft en zij heeft nog iemand kunnen regelen die naar Bastimentos vaart dus we kunnen mee en om 04.00 uur rollen we doodmoe ons bed in....
Zondag nemen we een dagje vrij om bij te komen maar maandag gaan we terug naar Bocas. Want met onze verblijfsvergunning kunnen we, in dezelfde speciale procedure, direct een werkvergunning krijgen. Volgens zeggen zou deze procedure een stuk eenvoudiger zijn dus we zorgen dat we er rond half acht zijn. We krijgen een nummer (150 en 151) en moeten eerst naar de bank waar de rij tot buiten op straat staat. Daar hebben we ook nog eens de pech dat vlak voordat we aan de beurt zijn, er een medewerkster van de Migración rechtstreeks naar ons loket stapt om vervolgens stapels geld met bijbehorende reçu's af te geven die allemaal moeten worden geteld en verwerkt... Daarna gaat het richting notaris om een kopie van ons vers verkregen Permanencia-kaartje te laten legaliseren. En dan is het weer wachten totdat ons nummer opgeroepen wordt, waarna de stoelendans, in een iets kleinere variant, weer begint. De procedure zelf is inderdaad eenvoudig; gegevens controleren, een paar handtekeningen zetten, digitale foto laten maken en rond kwart over drie 's middags hebben we ons tweede kaartje: de Permiso de Trabajo. Het heeft dit keer slechts een kleine 8 uur geduurd... ach dat is een normale werkdag, toch?
Het blijkt dat je je al vanaf één minuut over twaalf 's nachts had kunnen aanmelden en er zijn al honderden mensen die dat gedaan hebben en de rest van de nacht in de gymzaal geslapen hebben. Overal liggen, hangen en zitten mensen te slapen, te eten, te lezen of (de grote favoriet) een spelletje te spelen op hun telefoon. Het wordt een dag van wachten, wachten, wachten.
De mensen komen echt uit alle windstreken van de wereld (Amerika, Europa,China) maar het grootste gedeelte is vertegenwoordigd door Venezuela, Colombia, Costa Rica, Nicaragua, Honduras en Guatemala. Om de mensen een beetje bezig te houden, roept de zaalwacht (een medewerker van het Ministerio de Migración) de verschillende nationaliteiten op om samen voorin de zaal hun volkslied te komen zingen, iets wat met name de Latijns-Amerikanen vol overgave doen. Tegen de tijd dat de volksliederen op raken, gaat het automatisch over in een karaoke van populaire liedjes. Het lijkt wel alsof er een onzichtbare stip op de grond van de gymzaal staat in deze internationale versie van Idols... Tussen de "optredens" door komen er medewerkers van de Migración binnen die iedere keer weer een lange lijst van namen oplezen (waarbij de Chinese namen steevast een golf van gegiechel veroorzaken) en de mensen meenemen naar elders.
Het is 13.00 uur als we eindelijk onze namen horen en we in een lange rij, in de ganzenpas, naar een ander gebouw begeleid worden. Daar moeten we ons registreren en worden onze vingerafdrukken genomen en vervolgens worden we weer terug gestuurd naar de gymzaal om te wachten op de volgende fase. Die vindt plaats om 18.00 uur. We worden weer opgehaald uit de gymzaal en naar het andere gebouw gebracht, waar we buiten, op volgorde van nummer, moeten plaatsnemen in rijen stoelen en iedere keer als er een groep mensen naar binnen gehaald wordt, schuiven we een aantal stoelen op naar voren. Het is even na 21.00 uur als we eindelijk het gebouw in kunnen, maar ook daar gaat de stoelendans gewoon verder. Om 23.45 uur worden onze namen geroepen en stappen we de ruimte binnen waar de daadwerkelijke afhandeling plaatsvindt.
Het is een grote zaal waar minstens 40 mensen achter even zoveel computers zitten. Terwijl we onze papieren aan de medewerker van Migración overhandigen, merkt Rob op: "Je moet er niet aan denken dat hier de stroom uitvalt". De medewerker is druk bezig met het invoeren van onze gegeven, als de baas zijn mensen informeert dat het twaalf uur is en dat ze de datum in hun computer moeten aanpassen naar 13 april. Ik kijk Roberto aan en grap: "Ojee, de dertiende." Nog geen vijf minuten later valt de stroom uit en zitten we in het donker. Je moet ook geen geintjes maken... Gelukkig is ook het Ministerio de Migración op het ergste voorbereid en hebben ze een grote generator achter de hand.
Het proces zelf gaat redelijk soepel. We moeten van de ene medewerker naar de ander (iedere keer weer wachtend tot je naam geroepen wordt) om de verschillende handelingen af te werken en om 02.30 uur hebben we de officiële verklaring in handen. Dan moeten we nog naar een gebouw aan de overkant van de straat om een digitale foto te laten maken en dan, om 03.30 uur krijgen we het felbegeerde kaartje: onze Permanencia Provisional!
Even zijn we bang dat we voor de rest van de nacht in Bocas gestrand zijn, want normaal gesproken varen er 's nachts geen bootjes, maar we hebben mazzel. We komen iemand anders van Bastimentos tegen die ook net haar kaartje gekregen heeft en zij heeft nog iemand kunnen regelen die naar Bastimentos vaart dus we kunnen mee en om 04.00 uur rollen we doodmoe ons bed in....
Zondag nemen we een dagje vrij om bij te komen maar maandag gaan we terug naar Bocas. Want met onze verblijfsvergunning kunnen we, in dezelfde speciale procedure, direct een werkvergunning krijgen. Volgens zeggen zou deze procedure een stuk eenvoudiger zijn dus we zorgen dat we er rond half acht zijn. We krijgen een nummer (150 en 151) en moeten eerst naar de bank waar de rij tot buiten op straat staat. Daar hebben we ook nog eens de pech dat vlak voordat we aan de beurt zijn, er een medewerkster van de Migración rechtstreeks naar ons loket stapt om vervolgens stapels geld met bijbehorende reçu's af te geven die allemaal moeten worden geteld en verwerkt... Daarna gaat het richting notaris om een kopie van ons vers verkregen Permanencia-kaartje te laten legaliseren. En dan is het weer wachten totdat ons nummer opgeroepen wordt, waarna de stoelendans, in een iets kleinere variant, weer begint. De procedure zelf is inderdaad eenvoudig; gegevens controleren, een paar handtekeningen zetten, digitale foto laten maken en rond kwart over drie 's middags hebben we ons tweede kaartje: de Permiso de Trabajo. Het heeft dit keer slechts een kleine 8 uur geduurd... ach dat is een normale werkdag, toch?
vrijdag 4 april 2014
Papierkraam
We wonen nu al meer dan 4 jaar in Panama en zitten hier nog steeds op een toeristen-visum. Ieder half jaar gaan we even het land uit en bij terugkomst krijgen we het benodigde stempeltje (het toeristenvisum) in ons paspoort. We zijn, zoals ze dat hier noemen, permanente toeristen. En de Panamese overheid is daar niet blij mee. Het laatste jaar hebben we regelmatig gehoord dat aan de grens steeds kritischer gecontroleerd wordt en onze laatste visa-run in november (zie blog 05-11-2013) waren we zelf ook op het ergste voorbereid, hoewel het toen gelukkig meeviel.
Maar twee weken geleden komt ons ter ore dat de overheid een speciale, vereenvoudigde procedure start voor alle permanente toeristen om een verblijfsvergunning aan te vragen. Het grote voordeel is dat het in Bocas gehouden wordt, dus we hoeven er niet speciaal voor naar Panama Stad, en het vindt binnen een kort tijdsbestek plaats, namelijk begin april.
Natuurlijk is het
een manier voor de overheid om geld in het laatje te brengen, boze tongen
beweren dat het niet voor niets vlák voor de verkiezingen plaatsvindt. Maar, gezien de al strengere controle in het afgelopen jaar, verwachten we dat na deze procedure de regels écht aangescherpt gaan worden en met een verblijfsvergunning hebben we in ieder geval een legale status. We besluiten hier dus maar aan mee te doen.
We beginnen de zoektocht naar informatie en alle benodigde documenten. We moeten kopieën van ons volledige paspoort (inclusief kaft) laten legaliseren bij een notaris. De notaris is alleen op dinsdag en donderdag in Bocas en aan afspraken maken doen ze hier niet in Panama. Je loopt gewoon binnen.... in een wachtkamer vol mensen.
We hebben ook twee brieven nodig van een Panamees die verklaart dat hij ons al zoveel jaar kent én dat hij garant staat voor ons. Ook die moeten door de notaris gelegaliseerd worden. Met z'n drieën (Roberto, ik en Tony "onze" Panamees) wachten we dus braaf op onze beurt. Onze eigen brieven blijken niet voldoende, het moeten officiële documenten zijn, opgesteld door de notaris. Dat duurt zo'n twintig minuten, zegt de notaris, dus we gaan in een café even een kop koffie drinken. Een half uurtje later komen we weer binnen, de notaris ziet ons, denkt "oja, de brieven" en geeft zijn assistente dan pas de concepten om uit te werken. Het duurt dus nog een uurtje langer maar dan lopen we het notariskantoortje uit, een heleboel stempels rijker en een paar honderd dollar armer (tja, waarom zou de notaris niet óók wat geld verdienen aan deze procedure...)
De volgende etappe gaat naar Changuinola voor een politierapport. Normaal gesproken kan dit alleen in Panama Stad opgevraagd worden, maar speciaal voor deze procedure geven ze het tijdelijk in Changuinola af (dat scheelt toch weer twee lange busritten en een overnachting). Tegen de verwachting in blijkt dat heel eenvoudig te gaan. We zijn direct aan de beurt, geven een kopie van ons paspoort en tien minuten later, hebben we allebei een verklaring dat we geen crimineel zijn.
Het grootste
obstakel (tot nog toe) is het lokaliseren van Banti, de corrigedur van Bastimentos (of zoals ze hier zeggen, onze sheriff) die de
laatste tijd niet meer in de buurt van zijn kantoor te bekennen is. De dorpsbewoners zijn daarover niet verbaasd, want iedereen weet
dat Banti na de verkiezingen (begin mei) eruit ligt dus waarom zou hij nog werken. Na een aantal dagen vinden we hem toch op een onbewaakt ogenblik in zijn kantoortje en als hij hoort dat we verklaringen nodig hebben dat we al meer dan 4 jaar op Bastimentos wonen, wil hij wel meewerken, maar niet voordat we een paar tientjes lichter zijn (hij is binnenkort tenslotte werkeloos).
Verder is het een kwestie van pasfoto's laten maken en formulieren invullen, de één 5 pagina's en de ander maar liefst 9 pagina's groot, waarin ze "de-duvel-en-z'n-ouwe-moer" van ons willen weten.
En nu maar hopen dat we alle benodigde papieren inderdaad hebben. Het wachten is op 12 april, want dan kunnen we onze aanvragen indienen....
dinsdag 25 maart 2014
Van Venco drop tot Video-opnames
Afgelopen vrijdag had Chris weer eens een heel varken gekocht en hij belt ons om te vragen of we 's avonds op de barbecue komen.
Rond een uur of zes staan Roberto en ik dus op het dek van Tio Tom samen te kletsen als er uit één van de kamers een meisje komt die richting de hangmatten loopt. Ze kijkt ons op een manier aan waarvan ik denk "ze zou wel eens Nederlandse kunnen zijn". Even later komt uit dezelfde kamer een jongen stappen die ook naar de rancho loopt en dan heb ik geen enkele twijfel meer, het zijn absoluut Nederlanders. Mijn kennersblik zoemt namelijk direct in op iets dat half uit zijn broekzak steekt. En ook al is het rode logo maar half zichtbaar, als echte dropfanaat herken ik het direct: Venco!
Die kans kan ik niet voorbij laten gaan. Ik loop naar de rancho waar ze inmiddels allebei in een hangmat liggen en spreek ze aan. Ze kijken in eerste instantie nogal verbaasd maar op het moment dat ze horen dat we hier al bijna vijf jaar wonen en dat één van de weinige dingen die ik mis de oer-hollandse drop is, wordt de zak onmiddellijk open getrokken. En zoals dat gaat met Nederlanders in het buitenland, we raken aan de praat. Ze zijn al ruim vier maanden op reis door Latijns Amerika en hebben nog ongeveer 2 maanden te gaan. Hun dropvoorraad was al opgedroogd, maar toevallig was er een paar weken geleden familie op bezoek geweest en die hadden nieuwe aangevoerd. Ik had dus mazzel. Natuurlijk willen ze weten hoe wij in Panama terecht zijn gekomen en we kunnen ze heel veel toeristisch advies geven over Panama en Costa Rica. We kletsen gezellig onder het genot van diverse dropjes. Een onverwacht genoegen!
Tegen zevenen gaan de Nederlanders op zoek naar een restaurantje en helpen Roberto en ik de keukenploeg een beetje als we een Amerikaan ineens horen zeggen "Ja, ik dacht al dat ik jullie herkende, jullie zijn van de duikschool!" Wij herkennen hem ook, van gezicht dan want met de naam hebben we even hulp nodig. Het is iemand die vorig jaar in maart bij ons gedoken heeft en toen hebben we geanimeerde gesprekken gehad.
Natuurlijk kletsen we even bij en dan blijkt dat hij een privé-documentaire aan het maken is. Hij is namelijk tien jaar geleden voor het eerst op Bastimentos geweest en is sindsdien nog vier keer terug gekomen en hij heeft het eiland en met name de natuur zien veranderen. Hij is vooral geïnteresseerd in de pijlgifkikkers die hier op het eiland altijd in grote getale en varianten aanwezig zijn geweest, maar die naar zijn mening toch steeds minder leefruimte krijgen. Dat gaat hem aan het hart en hij heeft besloten om zelf een documentaire te maken om zo meer bewustzijn voor de natuur te creëren.
Hij is blij dat hij ons tegen het lijf is gelopen en vraagt of we willen meewerken want wij kunnen een beeld geven van het leven op Bastimentos en de dingen waar een eiland als dit mee te kampen heeft en die impact hebben op de natuur. Zoals bijvoorbeeld het vuilnis-probleem en het water-tekort maar ook de ontwikkeling van een groot project als het Red Frog Beach Resort dat in de tussentijd is gebouwd.
En zo komt het dat Roberto de volgende dag op onze veranda voor de camera zit en honderduit vertelt. De Amerikaan is dik tevreden, want jullie kennen Roberto, als er één kan kletsen dan is hij het. De volgende dag komt hij zelfs terug voor wat extra opnames, nu in de jungle achter ons huis (waar tot zijn grote genoegen nog zat pijlgifkikkers zitten).
We brengen hem ook in contact met locals om te interviewen, die natuurlijk nog veel meer kunnen vertellen over hoe Bastimentos in de afgelopen 15 jaar, met de komst van het toerisme, is veranderd.
Al met al zijn we er een paar dagen zoet mee en het is leuk om te praten met iemand die begaan is met het eiland en de natuur hier. Het zal niet wereldwijd uitgezonden worden maar de Amerikaan, die van beroep wiskundeleraar is, zal zijn documentaire in ieder geval op school tonen en uiteindelijk zal het op Youtube eindigen, maar iedere kijker is er één, nietwaar?
En voordat jullie nu allemaal die ene vraag stellen.... Het is nog niet duidelijk wanneer we de documentaire kunnen bewonderen. De maker hoopt het in de loop van dit jaar af te hebben en hij laat ons weten als het op Youtube staat. Nog even geduld dus.
PS: we hebben al eens een korte video van een pijlgifkikker op Youtube gezet. Klik hier om 'm nog eens te bekijken.
Rond een uur of zes staan Roberto en ik dus op het dek van Tio Tom samen te kletsen als er uit één van de kamers een meisje komt die richting de hangmatten loopt. Ze kijkt ons op een manier aan waarvan ik denk "ze zou wel eens Nederlandse kunnen zijn". Even later komt uit dezelfde kamer een jongen stappen die ook naar de rancho loopt en dan heb ik geen enkele twijfel meer, het zijn absoluut Nederlanders. Mijn kennersblik zoemt namelijk direct in op iets dat half uit zijn broekzak steekt. En ook al is het rode logo maar half zichtbaar, als echte dropfanaat herken ik het direct: Venco!
Die kans kan ik niet voorbij laten gaan. Ik loop naar de rancho waar ze inmiddels allebei in een hangmat liggen en spreek ze aan. Ze kijken in eerste instantie nogal verbaasd maar op het moment dat ze horen dat we hier al bijna vijf jaar wonen en dat één van de weinige dingen die ik mis de oer-hollandse drop is, wordt de zak onmiddellijk open getrokken. En zoals dat gaat met Nederlanders in het buitenland, we raken aan de praat. Ze zijn al ruim vier maanden op reis door Latijns Amerika en hebben nog ongeveer 2 maanden te gaan. Hun dropvoorraad was al opgedroogd, maar toevallig was er een paar weken geleden familie op bezoek geweest en die hadden nieuwe aangevoerd. Ik had dus mazzel. Natuurlijk willen ze weten hoe wij in Panama terecht zijn gekomen en we kunnen ze heel veel toeristisch advies geven over Panama en Costa Rica. We kletsen gezellig onder het genot van diverse dropjes. Een onverwacht genoegen!
Tegen zevenen gaan de Nederlanders op zoek naar een restaurantje en helpen Roberto en ik de keukenploeg een beetje als we een Amerikaan ineens horen zeggen "Ja, ik dacht al dat ik jullie herkende, jullie zijn van de duikschool!" Wij herkennen hem ook, van gezicht dan want met de naam hebben we even hulp nodig. Het is iemand die vorig jaar in maart bij ons gedoken heeft en toen hebben we geanimeerde gesprekken gehad.
Natuurlijk kletsen we even bij en dan blijkt dat hij een privé-documentaire aan het maken is. Hij is namelijk tien jaar geleden voor het eerst op Bastimentos geweest en is sindsdien nog vier keer terug gekomen en hij heeft het eiland en met name de natuur zien veranderen. Hij is vooral geïnteresseerd in de pijlgifkikkers die hier op het eiland altijd in grote getale en varianten aanwezig zijn geweest, maar die naar zijn mening toch steeds minder leefruimte krijgen. Dat gaat hem aan het hart en hij heeft besloten om zelf een documentaire te maken om zo meer bewustzijn voor de natuur te creëren.
Hij is blij dat hij ons tegen het lijf is gelopen en vraagt of we willen meewerken want wij kunnen een beeld geven van het leven op Bastimentos en de dingen waar een eiland als dit mee te kampen heeft en die impact hebben op de natuur. Zoals bijvoorbeeld het vuilnis-probleem en het water-tekort maar ook de ontwikkeling van een groot project als het Red Frog Beach Resort dat in de tussentijd is gebouwd.
En zo komt het dat Roberto de volgende dag op onze veranda voor de camera zit en honderduit vertelt. De Amerikaan is dik tevreden, want jullie kennen Roberto, als er één kan kletsen dan is hij het. De volgende dag komt hij zelfs terug voor wat extra opnames, nu in de jungle achter ons huis (waar tot zijn grote genoegen nog zat pijlgifkikkers zitten).
We brengen hem ook in contact met locals om te interviewen, die natuurlijk nog veel meer kunnen vertellen over hoe Bastimentos in de afgelopen 15 jaar, met de komst van het toerisme, is veranderd.
Al met al zijn we er een paar dagen zoet mee en het is leuk om te praten met iemand die begaan is met het eiland en de natuur hier. Het zal niet wereldwijd uitgezonden worden maar de Amerikaan, die van beroep wiskundeleraar is, zal zijn documentaire in ieder geval op school tonen en uiteindelijk zal het op Youtube eindigen, maar iedere kijker is er één, nietwaar?
En voordat jullie nu allemaal die ene vraag stellen.... Het is nog niet duidelijk wanneer we de documentaire kunnen bewonderen. De maker hoopt het in de loop van dit jaar af te hebben en hij laat ons weten als het op Youtube staat. Nog even geduld dus.
PS: we hebben al eens een korte video van een pijlgifkikker op Youtube gezet. Klik hier om 'm nog eens te bekijken.
maandag 17 maart 2014
Panama City
| De sky-line van Panama City |
| Panamá La Vieja |
| Panamá La Vieja (kathedraal toren) |
| Panamá La Vieja |
| Casco Viejo (kathedraal Metropolitana) |
| Casco Viejo |
| Casco Viejo (vis-afslag) |
| Roberto & Roberto |
| Miraflores (locomotieven trekken schip door de sluis) |
| Miraflores sluis |
zaterdag 8 maart 2014
Carnaval
In al die jaren dat we hier nu zitten, hebben we nog nooit het carnaval meegemaakt. Op Bastimentos wordt sowieso geen carnaval gevierd (ja, de locals gaan naar de kroeg maar dat doen ze ieder weekend) en omdat carnaval altijd midden in het hoogseizoen valt, hadden we het altijd te druk met werk en kwam het er nooit van om naar Bocas te gaan. Dus dit jaar zijn we vast besloten: we gaan carnaval vieren! En dan komt ons ter ore dat uitgerekend dit jaar de gemeente geen geld heeft gestopt in het volksfeest, wat inhoudt dat veel gesponsorde activiteiten, zoals parades en optochten, dit jaar niet plaatsvinden. Toch besluiten we op dinsdag een kijkje te nemen in Bocas.
Maar eerst heb ik 's middags een afspraak met de tandarts. Ja, ik vond het zelf ook vreemd dat de tandarts met carnaval zou werken, maar ik had de datum nog eens extra gecheckt en ik kon zien dat er al andere afspraken in de agenda van de assistente stonden, dus ik dacht dat het wel zou kloppen. Fout! Je moet er hier nóóit van uit gaan dat het wel goed zal zijn. Kortom, ik stond voor een gesloten tandarts-praktijk.
Niet getreurd, we zijn in Bocas, we storten ons in het carnavalsgedruis. Hoewel gedruis... dat valt een beetje tegen. Helaas wordt het carnaval hier niet gevierd op de bekende Latijns-Amerikaanse wijze. Dus geen opzwepende muziek of kleurig getooide, schaars geklede dames à la Rio de Janeiro, en ook geen praalwagens of parades. Alleen de Diablo's (duivels) zijn present. Mannen en jongens gekleed in zwart-rode pakken met grote zelfgemaakte duivelsmaskers gewapend met een zweep die ze vervaarlijk laten knallen. Het is een carnavalstraditie die is ontstaan in het Caribische Portobelo, maar de betekenis is niet helemaal duidelijk. Sommige zeggen dat ze de Spaanse veroveraars moeten voorstellen terwijl andere beweren dat het zijn oorsprong in de slavernij vindt...
Verder wordt het carnaval in Bocas vooral gedefinieerd door harde muziek. Overal in de hoofdstraat staan tenten, allemaal met een eigen geluidsinstallatie, allemaal met hun eigen muziek, allemaal op oorverdovende sterkte. O ja, en er is bier, heel veel bier.
Het is voor ons ouwetjes een beetje te veel van het goede en uiteindelijk belanden we in een zijstraatje in een bar die voornamelijk door Amerikanen wordt bezocht. Ze vieren Fat Tuesday, oftewel Mardi Gras, in New Orleans stijl. De versiering bestaat hier voornamelijk uit vreemde hoofddeksels, kralen kettingen en maskers, allemaal in de traditionele Mardi Gras kleuren groen, paars en goud. Een gelegenheidsbandje, bestaande uit zes mannen met ruige baarden, grijze paardenstaarten en pensioengerechtigde leeftijd, speelt vrolijke Dixieland-muziek. We kunnen er rustig zitten, ze schenken een goeie seco-cola en het is er gezellig.
Dan ben je ex-Brabander (oké import, maar toch) en vier je in Midden-Amerika carnaval op zijn Amerikaans... Ach als je het maar naar je zin hebt, nietwaar?
Maar eerst heb ik 's middags een afspraak met de tandarts. Ja, ik vond het zelf ook vreemd dat de tandarts met carnaval zou werken, maar ik had de datum nog eens extra gecheckt en ik kon zien dat er al andere afspraken in de agenda van de assistente stonden, dus ik dacht dat het wel zou kloppen. Fout! Je moet er hier nóóit van uit gaan dat het wel goed zal zijn. Kortom, ik stond voor een gesloten tandarts-praktijk.
Niet getreurd, we zijn in Bocas, we storten ons in het carnavalsgedruis. Hoewel gedruis... dat valt een beetje tegen. Helaas wordt het carnaval hier niet gevierd op de bekende Latijns-Amerikaanse wijze. Dus geen opzwepende muziek of kleurig getooide, schaars geklede dames à la Rio de Janeiro, en ook geen praalwagens of parades. Alleen de Diablo's (duivels) zijn present. Mannen en jongens gekleed in zwart-rode pakken met grote zelfgemaakte duivelsmaskers gewapend met een zweep die ze vervaarlijk laten knallen. Het is een carnavalstraditie die is ontstaan in het Caribische Portobelo, maar de betekenis is niet helemaal duidelijk. Sommige zeggen dat ze de Spaanse veroveraars moeten voorstellen terwijl andere beweren dat het zijn oorsprong in de slavernij vindt...
Verder wordt het carnaval in Bocas vooral gedefinieerd door harde muziek. Overal in de hoofdstraat staan tenten, allemaal met een eigen geluidsinstallatie, allemaal met hun eigen muziek, allemaal op oorverdovende sterkte. O ja, en er is bier, heel veel bier.
Het is voor ons ouwetjes een beetje te veel van het goede en uiteindelijk belanden we in een zijstraatje in een bar die voornamelijk door Amerikanen wordt bezocht. Ze vieren Fat Tuesday, oftewel Mardi Gras, in New Orleans stijl. De versiering bestaat hier voornamelijk uit vreemde hoofddeksels, kralen kettingen en maskers, allemaal in de traditionele Mardi Gras kleuren groen, paars en goud. Een gelegenheidsbandje, bestaande uit zes mannen met ruige baarden, grijze paardenstaarten en pensioengerechtigde leeftijd, speelt vrolijke Dixieland-muziek. We kunnen er rustig zitten, ze schenken een goeie seco-cola en het is er gezellig.
Dan ben je ex-Brabander (oké import, maar toch) en vier je in Midden-Amerika carnaval op zijn Amerikaans... Ach als je het maar naar je zin hebt, nietwaar?
vrijdag 28 februari 2014
Turbulente week
Er gaan momenteel
dagen en weken voorbij dat er niets noemenswaardig gebeurt. Waarin we heerlijk
genieten van het mooie weer, de hangmat en onze e-reader, en dat ik wel eens
denk “Jeetje, wat moet ik nou nog bloggen”. Er dan ineens gebeurt er van alles,
niet zozeer bij ons als wel om ons heen...
We waren ons
afgelopen maandag net aan het opmaken voor een avondje “televisie”, we hebben
het hele vierde seizoen van House gedownload (seizoen 3 was de laatste die we
in Nederland op de televisie gezien hebben) en kijken iedere avond één of twee
afleveringen, als we een mailtje krijgen van een vriendin uit Bocas. Of we
thuis zijn. Ja, dat zijn we. Of ze alsjeblieft naar ons toe mag komen, ze heeft
een plek nodig om te overnachten. Een uurtje later is ze bij ons en doet haar
verhaal. Het is het scenario waar boeken over geschreven en films over gemaakt
worden. De aloude combinatie van een relatie, alcohol en agressie die uitmondt in
fysiek geweld. Die avond blijft ze slapen en de volgende dag probeert ze voor
zichzelf één en ander op een rijtje te zetten.
Dinsdagavond is
er in Bocas een PADI meeting waar Roberto en genoemde vriendin naar toe willen.
De bijeenkomst begint om 18.30 uur dus we eten vroeg. Tijdens het koken zien we
in de baai een cluster van bootjes liggen. Het lijkt erop dat er iets gaande is
maar van deze afstand kunnen we niet zien wat. Een kwartiertje later, als we
zitten te eten, komt er via Skype een bericht van Chris. Er is een boot
gezonken. De Chino, eigenaar van de grootste supermarkt in het dorp (alle
supermarkten hier worden beheerd door Chinezen en iedereen noemt ze allemaal
“chino”) gaat een paar keer per week met zijn boot inkopen doen in Bocas en
blijkbaar is hij met een zwaar overbeladen boot zonder gas komen te zitten. En
aangezien de zee momenteel behoorlijk ruig is, was waarschijnlijk één flinke golf voldoende om de boot te doen zinken. De Chino, die niet kan
zwemmen en geen zwemvest droeg, is verdronken. Niemand heeft het ongeval zien
gebeuren maar het werd ontdekt door andere bootjes omdat er allemaal producten
op het water dreven. Het lichaam van de Chino werd al snel gevonden maar zijn
15-jarige zoon zat ook op de boot...
Alle plannen
worden direct omgegooid. Roberto pakt zijn duikspullen. De vriendin belt Arron
om te vragen of we tanks en lood kunnen lenen, maar Arron is niet thuis, dus we
bellen een duikschool op Bocas. Ook belt ze haar man om direct over te komen
met hun duikspullen. Als ze eenmaal in de baai zijn, blijken inmiddels ook de
politie en andere duikscholen met mensen ter plekke en gezamenlijk beginnen ze
een “Search & Recovery”. Maar niemand weet de exacte plek waar de boot
gezonken is en het wordt al snel donker dus om kwart over zeven moeten ze de
zoektocht helaas staken.
Die avond blijven de vriendin en haar man samen bij ons logeren (het tragische ongeval heeft er in ieder geval de (v)echtgenoten weer bij elkaar gebracht).
Die avond blijven de vriendin en haar man samen bij ons logeren (het tragische ongeval heeft er in ieder geval de (v)echtgenoten weer bij elkaar gebracht).
De volgende
ochtend moeten Roberto en ik naar Bocas voor een tandarts-afspraak en zodra we
in een bootje stappen, krijgen we van de kapitein een zwemvest aangereikt.
Hoewel het officieel verplicht is, draagt niemand hier ooit een zwemvest, maar
ja, nu wordt er weer extra op gecontroleerd... (heeft iets te maken met dat
spreekwoord over een kalf en een put, triest maar waar).
Als we ’s middags
terug zijn van Bocas horen we dat het lichaam van de jongen nog steeds niet
gevonden is en Roberto voegt zich weer bij de groep duikers. Het team bestaat
inmiddels uit alle duikscholen in de regio, de politie en de brandweer, maar helaas
wordt ook die middag noch de gezonken boot, noch de zoon gevonden.
Op de derde dag
vroeg in de ochtend gaat de politie eerst alle stranden langs, omdat ze uit
ervaring weten dat een weggedreven lichaam na verloop van tijd altijd ergens
aanspoelt, maar er wordt niets gevonden. Om 10 uur beginnen ze daarom samen met
alle vrijwilligers wederom de zoektocht in de baai. Na een oproep via Facebook
komt er hulp van een boot met sonar en daarna wordt de gezonken boot vrij snel
gevonden. Als de duikers van daaruit in de stroomrichting verder zoeken, vinden
ze ook het lichaam van de jongen. Rond vier uur ’s middags zijn zowel de boot
als het lichaam geborgen. Dankzij de gezamenlijke inzet van de gemeenschap kan
de vrouw en moeder in ieder geval beginnen aan een rouwproces. Iedereen is blij
dat het achter de rug is, het was zowel fysiek als emotioneel een heftige week.
dinsdag 11 februari 2014
Jungle-tuin
Want vorige week hebben we de prachtige botanische tuin "Finca Los Monos" bezocht. De eigenaren, een Engelse dame en haar Australische echtgenoot, hebben 7 jaar geleden op Isla Colón een 9,5 hectare groot grondstuk gekocht om daar hun huis op te bouwen. En omdat zij een fervent natuur-liefhebber is, besloot ze haar eigen botanische tuin aan te leggen.
Het grondstuk, dat ooit begon als één grote jungle, is inmiddels omgetoverd tot een schitterende tuin met een ongelooflijke diversiteit aan palmbomen, bromelia's, orchideeën, heliconia's en andere tropische beplanting.
Deze rijkdom aan planten, bloemen en zaden trekt uiteraard ook veel dieren aan en tijdens de wandeling zien een keur aan vogels, vlinders, insecten en kikkertjes.
Ruim 3 uur lang wandelen we door de tuin, terwijl de eigenaresse Lin ons alle wetenswaardigheden vertelt over de flora en fauna om ons heen.
Op een goed moment komt het gesprek op vlinders en ik vertel Lin van de trek van duizenden en duizenden zwart-groene vlinders die we afgelopen jaar gezien hebben (zie blog d.d. 5 oktober 2013).
Lin weet direct waar ik het over heb, maar zij weet te vertellen dat het geen vlinders zijn, maar motten (nachtvlinders dus) en ze geeft me een artikel dat in de krant verschenen is daarover.
Kortom we hebben weer genoten van ons dagje uit. Het was een heerlijke en leerzame dag!
woensdag 29 januari 2014
Onverwachte dingen
Het is de week van onverwachte dingen. We hadden eigenlijk gepland om deze week Finca Los Monos te bezoeken maar plotseling krijgen we het verzoek van Chris of we het weekend in Tio Tom willen werken. Nee... zijn vriendin is niet opnieuw vertrokken, maar zij en de hulp gaan naar David om grote inkopen te doen. Dus we zijn vrijdag, zaterdag en zondag weer onder de pannen; hele dagen dit keer, want we werken nu ook de ochtenden. Net als "vroeger" is het weer ouderwets ontbijtjes serveren, kamers schoonmaken, nieuwe klanten ontvangen en toeristen-informatie verschaffen.
We zijn zondagavond net bezig met de vaat en de keuken opruimen als Chris binnen komt met een nieuwtje: hét verjaardagsfeest van het jaar is die avond en we zijn uitgenodigd. Een rijk Amerikaans stel blijkt een vakantiehuis op Bastimentos te hebben waar ze in de wintermaanden naar toe komen en zij viert ieder jaar hier haar verjaardag, wat altijd een hele happening schijnt te zijn. Een onverwachts feestje... daar zeggen we geen nee tegen!
Zodra we klaar zijn in Tio Tom gaan we samen met Chris en zijn vriendin richting feest. Het vakantiehuis staat naast the Firefly en is absoluut het mooiste huis van het hele dorp; volgens de eigenaren is het geheel volgens het Feng Shui principe gebouwd en ingericht.
Het feest is al in volle gang. De keuken heeft een lange bar waar ze alle mogelijke drankjes serveren, in de kamer staat een grote tafel met hapjes, terwijl op het achter-balkon iemand vlees en vis aan het grillen is op de barbecue. De "Bastimentos Beach Boys" (zes man sterk) spelen de sterren van de hemel en het grote terras aan de voorkant is omgetoverd tot dansvloer. Het lijkt wel alsof het hele eiland is uitgenodigd, zowel locals als expats, overal zijn mensen aan het eten, drinken en dansen. Inderdaad, geen verkeerd feestje. Het is wel duidelijk dat de eigenaren goed in de slappe was zitten, maar vreemd genoeg schijnt niemand te weten hoe ze aan hun geld komen. Daar lijken ze nogal zwijgzaam over te zijn...
Rond een uur of twaalf verrast Roberto me door aan te geven dat hij wel naar huis wil. Want, zo zegt hij, ik ben nogal dronken... Ook dat is onverwachts. De laatste keer dat ik Roberto dronken heb meegemaakt is minstens 15 jaar geleden tijdens een carnaval in Veghel waar hij toen met fiets en al in een besneeuwde voortuin strandde. Gelukkig hoeven we hier nooit echt ver te lopen en Roberto laat zich gedwee door mij naar huis begeleiden, de hele weg mompelend "ik ben geloof ik dronken... hoe kan ik nou dronken zijn...?"
Het komt goed uit dat we de volgende ochtend niet meer bij Tio Tom hoeven te werken dus we kunnen maandag lekker uitslapen.
Dinsdag komt er een ander onverwachts nieuwtje: ze zijn begonnen met het pad naar Wizard Beach. Al sinds oktober vorig jaar loopt er een initiatief van de middenstand van Bastimentos. De eigenaren van hostels, restaurants en andere toeristische gelegenheden hebben de handen ineen geslagen om Bastimentos aantrekkelijker te maken voor toeristen. Het eerste project is het pad naar Wizard Beach verbeteren. Dit pad loopt door de jungle en is vaak erg modderig en glibberig en dat zouden we met loopbruggen en traptreden beter begaanbaar maken. We hadden er al sinds begin december niets meer van gehoord, maar nu blijken ze dan toch eindelijk begonnen te zijn. We zijn natuurlijk even gaan kijken en ja hoor, de eerste loopbrug is een feit! (wordt vervolgd)
Tot slot hebben we sinds een paar dagen een birdfeeder aan het balkon hangen, een plastic voederbakje gevuld met suikerwater, speciaal voor kolibries. Het leek mij een goeie gelegenheid om weer eens een mooie foto te maken, maar voorlopig nemen ze een loopje met me want zodra ik met m'n camera aan kom lopen zijn de vogels gevlogen. En als ik denk slim te zijn en alvast met de camera schietklaar bij het bakje ga staan, laten ze me mooi wachten tot ik een ons weeg. Voor een foto zal ik (en jullie dus ook) nog een beetje meer geduld moeten betrachten....
We zijn zondagavond net bezig met de vaat en de keuken opruimen als Chris binnen komt met een nieuwtje: hét verjaardagsfeest van het jaar is die avond en we zijn uitgenodigd. Een rijk Amerikaans stel blijkt een vakantiehuis op Bastimentos te hebben waar ze in de wintermaanden naar toe komen en zij viert ieder jaar hier haar verjaardag, wat altijd een hele happening schijnt te zijn. Een onverwachts feestje... daar zeggen we geen nee tegen!
Zodra we klaar zijn in Tio Tom gaan we samen met Chris en zijn vriendin richting feest. Het vakantiehuis staat naast the Firefly en is absoluut het mooiste huis van het hele dorp; volgens de eigenaren is het geheel volgens het Feng Shui principe gebouwd en ingericht.
Het feest is al in volle gang. De keuken heeft een lange bar waar ze alle mogelijke drankjes serveren, in de kamer staat een grote tafel met hapjes, terwijl op het achter-balkon iemand vlees en vis aan het grillen is op de barbecue. De "Bastimentos Beach Boys" (zes man sterk) spelen de sterren van de hemel en het grote terras aan de voorkant is omgetoverd tot dansvloer. Het lijkt wel alsof het hele eiland is uitgenodigd, zowel locals als expats, overal zijn mensen aan het eten, drinken en dansen. Inderdaad, geen verkeerd feestje. Het is wel duidelijk dat de eigenaren goed in de slappe was zitten, maar vreemd genoeg schijnt niemand te weten hoe ze aan hun geld komen. Daar lijken ze nogal zwijgzaam over te zijn...
Rond een uur of twaalf verrast Roberto me door aan te geven dat hij wel naar huis wil. Want, zo zegt hij, ik ben nogal dronken... Ook dat is onverwachts. De laatste keer dat ik Roberto dronken heb meegemaakt is minstens 15 jaar geleden tijdens een carnaval in Veghel waar hij toen met fiets en al in een besneeuwde voortuin strandde. Gelukkig hoeven we hier nooit echt ver te lopen en Roberto laat zich gedwee door mij naar huis begeleiden, de hele weg mompelend "ik ben geloof ik dronken... hoe kan ik nou dronken zijn...?"
Het komt goed uit dat we de volgende ochtend niet meer bij Tio Tom hoeven te werken dus we kunnen maandag lekker uitslapen.
Dinsdag komt er een ander onverwachts nieuwtje: ze zijn begonnen met het pad naar Wizard Beach. Al sinds oktober vorig jaar loopt er een initiatief van de middenstand van Bastimentos. De eigenaren van hostels, restaurants en andere toeristische gelegenheden hebben de handen ineen geslagen om Bastimentos aantrekkelijker te maken voor toeristen. Het eerste project is het pad naar Wizard Beach verbeteren. Dit pad loopt door de jungle en is vaak erg modderig en glibberig en dat zouden we met loopbruggen en traptreden beter begaanbaar maken. We hadden er al sinds begin december niets meer van gehoord, maar nu blijken ze dan toch eindelijk begonnen te zijn. We zijn natuurlijk even gaan kijken en ja hoor, de eerste loopbrug is een feit! (wordt vervolgd)
Tot slot hebben we sinds een paar dagen een birdfeeder aan het balkon hangen, een plastic voederbakje gevuld met suikerwater, speciaal voor kolibries. Het leek mij een goeie gelegenheid om weer eens een mooie foto te maken, maar voorlopig nemen ze een loopje met me want zodra ik met m'n camera aan kom lopen zijn de vogels gevlogen. En als ik denk slim te zijn en alvast met de camera schietklaar bij het bakje ga staan, laten ze me mooi wachten tot ik een ons weeg. Voor een foto zal ik (en jullie dus ook) nog een beetje meer geduld moeten betrachten....
dinsdag 21 januari 2014
Bij-beunen
Afgelopen zaterdag hadden we ons volgende bij-beun-baantje: het bruiloftsfeest in hotel "The Firefly". Om 14.00 uur waren alle "personeelsleden" present. Buiten Lauren en Ryan (de eigenaren van the Firefly) en hun vaste kok, waren er nog 7 andere opgetrommeld. En hoewel de meeste elkaar nog nooit ontmoet hadden, verliep de samenwerking erg soepel. Lauren informeert ons over het verloop van de dag en de werkzaamheden die verricht moeten worden en al snel is iedereen bezig met zijn eigen klusjes.
We zijn ruim op tijd klaar met alle voorbereidingen als rond vier uur de gasten beginnen binnen te druppelen en de officiële ceremonie begint keurig netjes even na vijf uur. Daarna kunnen wij aan de slag. De mannen nemen hun plaats achter de bar in en de dames serveren diverse amuses. Terwijl het bruidspaar opent met de eerste dans, bouwen we het buffet op en de volgende twee uur is iedereen druk. Wij met het serveren van eten en drinken en de gasten met het verorberen daarvan. Tot slot wordt het dessert-buffet neergezet, compleet met twee kleine bruidstaarten, en dan is het meeste werk gedaan. Voor de dames dan, want de mannen achter de bar zijn nog wel wat langer zoet.
De bruiloft zelf verloopt zoals je dat van een bruiloft mag verwachten. Iedereen ziet er op hun Paasbest uit. De heren in witte overhemden met vlinderdasje en de dames in vrolijke zomerjurken, met uitzondering van de bruid die een mooie crème-kleurige bruidsjurk met korte sleep draagt. De officiële ceremonie ontroert een ieder en de "aaahh's" en "ooooh's" zijn niet van de lucht wanneer het bruidspaar zeer verliefd als eerste over de dansvloer zwiert. De speeches zijn ofwel niet te verstaan ofwel te lang (en soms beide) en naarmate de avond vordert en het steeds joliger wordt, hangen de witte overhemden steeds verder uit de broekband (heren), gaan de vlinderstrikjes los (heren), de hoge hakken uit (dames) en de lange haren los (dames). En natuurlijk is er die ene oom die altijd zo lekker gek doet...
Maar het is erg gezellig. De sfeer is gemoedelijk en de muziek is vrolijk en tegen het eind van de avond staan ook de dames van het personeel op de dansvloer, tot groot plezier van de gasten. Er zijn vervelender baantjes te bedenken...
| het hele team |
| net als in de film... |
Maar het is erg gezellig. De sfeer is gemoedelijk en de muziek is vrolijk en tegen het eind van de avond staan ook de dames van het personeel op de dansvloer, tot groot plezier van de gasten. Er zijn vervelender baantjes te bedenken...
| voetjes van de vloer |
maandag 13 januari 2014
Tijdelijk werk
Het is altijd de bedoeling geweest (en zo is dat toen der tijd ook meermalen besproken) dat Roberto na de verkoop van de duikschool er op ad hoc basis zou blijven werken. Aan de ene kant gewoon om lekker bezig te blijven maar ook voor de noodzakelijke financiële aanvulling op ons budget. Helaas, het moge duidelijk zijn dat in de huidige situatie met de nieuwe eigenaren daar geen sprake van is.
Bij mijn laatste blog bedacht ik me dan ook dat het de komende tijd wel eens erg rustig zou kunnen worden. Tijdens het hoogseizoen zullen we namelijk niet veel op reis gaan en ik begon me al zorgen te maken dat ik niets meer te vertellen zou hebben. Maar niets is minder waar...
Vrijdag 3 januari gaat Roberto even buurten bij Chris en hij zal op de terugweg gelijk de boodschappen mee nemen. Een uurtje later is hij terug zonder boodschappen. "Wijziging van plannen" kondigt hij aan. Chris heeft gevraagd of we die middag willen komen helpen in het hostel, o.a. met eten koken en dan kunnen we bij hem blijven eten. Tuurlijk, geen probleem, maar hoezo eigenlijk?
Bij mijn laatste blog bedacht ik me dan ook dat het de komende tijd wel eens erg rustig zou kunnen worden. Tijdens het hoogseizoen zullen we namelijk niet veel op reis gaan en ik begon me al zorgen te maken dat ik niets meer te vertellen zou hebben. Maar niets is minder waar...
Vrijdag 3 januari gaat Roberto even buurten bij Chris en hij zal op de terugweg gelijk de boodschappen mee nemen. Een uurtje later is hij terug zonder boodschappen. "Wijziging van plannen" kondigt hij aan. Chris heeft gevraagd of we die middag willen komen helpen in het hostel, o.a. met eten koken en dan kunnen we bij hem blijven eten. Tuurlijk, geen probleem, maar hoezo eigenlijk?
Nou... zijn vrouw (of eigenlijk zijn vriendin, want ze zijn niet getrouwd) is bij hem weg. De dag ervoor hebben ze, om welke reden dan ook, ruzie gekregen en dat schijnt nogal uit de klauwen gelopen te zijn.Volgens de
overleveringen, die nu al legendarisch zijn, is zij hem als een waanzinnige
met een machete te lijf gegaan. De volgende dag hoorde ik een gast aan een
ander vertellen dat de situatie haar volledig getraumatiseerd had... Het was ook Chris niet in de kouwe kleren gaan zitten, want op mijn vraag of het nog goed kon komen tussen hen, was hij heel stellig: een vrouw die hem met een machete bedreigt, komt er níet meer in!
Dus, geheel onverwachts, hebben we ineens weer een baantje. Iedere middag om een uur of twee gaat Roberto naar het hostel waar hij, samen met Chris en een andere vriend, begint aan de voorbereidingen van het eten. Aan het einde van de middag ga ik er naartoe zodat ik kan afwassen en de tafels kan dekken. Het hostel zit helemaal vol en we hebben iedere avond minstens 10 tot 16 gasten te eten en dat is in het begin best even wennen. Maar al snel komt de routine erin en draait de nieuwe keuken-ploeg als een geoliede machine.
Het is ook wel weer leuk om in het hostel te werken want je komt automatisch met verschillende mensen in gesprek en na afloop eten we zelf ook een hapje mee en dat is meestal best gezellig.
Maar net zo onverwachts als het werk begon, is het ook weer afgelopen, want eergisteren verblijdde Chris ons met zijn heugelijke nieuws: zijn vriendin is weer terug! Tja, niets veranderlijker dan een man.
Nou ja, hebben wij weer eens een avondje vrij, ook best lekker. En volgende week hebben we alweer een andere klus, want dan is er een bruiloftsfeest in the Firefly en daar zijn we aangenomen in de functie van barman en buffet-juffrouw...
vrijdag 3 januari 2014
Feestdagen
| Kerstboom op het plein van Old Bank, Bastimentos |
We hadden afgesproken om met Kerst bij Tio Tom te gaan eten. Niet bij Tom en Ina, want die zitten al ruim een half jaar op hun finca in de bergen van Panama, maar bij Chris, een Duitser die samen met zijn Panamese vrouw tegenwoordig het hostel runt. Chris zou op 25 december een groot Kerst-buffet maken en we hadden hem beloofd dat we 's middags al zouden komen zodat we hem konden helpen.
| Rachel, de keukenhulp bij Tio Tom |
| Roberto snijdt de ham aan |
| Playa Bluff |
| "Cheto & Friends" |
We wensen iedereen een geweldig, gelukkig, gezond Nieuwjaar!
| Een knallend 2014! |
maandag 23 december 2013
Boquete (deel 2)
Na een korte rit het stadje uit, rijden we het nationale park Barú in en beginnen we aan de tocht naar boven. De rit is.... ja hoe moet ik dat zeggen... op de één of andere manier dekt “hobbelig” de lading niet echt. Bij gebrek aan een beter woord: “bonkig”. Het pad is een droge rivierbedding, nauwelijks breed genoeg voor de jeep, met zand, modder, stenen, grote keien en diepe kuilen. We stuiteren, bonken, slippen, glippen, glijden en hangen scheef. Zeer regelmatig zit in met dicht geknepen ogen en ingehouden adem. Maar nadat we de nodige “onmogelijke” passages met succes doorstaan hebben, begin ik me een beetje te ontspannen. Voor zover dat mogelijk is want het stuiteren en slingeren gaat aan één stuk door en achteraf zullen we spierpijn hebben van het onszelf vasthouden en tegenhouden gedurende het constante heen-en-weer gehussel, terwijl we in ruim tweeënhalf uur in het donker naar boven hotsebotsen.
Vulcán Barú is
met zijn 3475 meter, de hoogste top van Panama. Het is een slapende vulkaan en
heeft geen krater meer omdat die bij zijn laatste uitbarsting, zo’n 800 jaar
geleden, is ingestort. De Barú is bekend
vanwege het feit dat je, bij helder weer, twee oceanen tegelijk kan zien: aan
de ene kant de Stille Oceaan en aan de andere kant de Caribische Zee (onderdeel
van de Atlantische Oceaan). Maar als wij rond 06.00 uur de top bereiken is het
helaas aan beide zijden bewolkt. Toch is het een prachtig gezicht om even later
de zon boven de wolken op te zien komen.
Op de berg is het koud, zo’n
8 graden Celsius maar met de wind erbij is de gevoelstemperatuur al gauw onder
vriespunt en dat zijn we niet meer gewend (aan de foto van Rob kun je wel zien dat hij het echt koud heeft). Gelukkig
kent Rolando de mensen die het politie-station bemannen en mogen we in het
enige gebouwtje dat de top rijk is, een vers bakje koffie zetten en ons ontbijt
nuttigen.
Als we na het ontbijt weer buiten komen, blijkt de bewolking wat uit elkaar gewaaid te zijn en kunnen we tussen de wolken door toch nog allebei de zeeën spotten. Aan de Caribische kant kunnen we zelfs wat eilanden onderscheiden, hoewel we niet exact kunnen vast stellen wat, welk eiland is.
Daarna bonken
we dezelfde weg weer naar beneden. En aangezien het nu licht is, zien we de
“weg” pas goed en zijn we des te verbaasder dat je hier überhaupt met een auto
kunt rijden. Al stuiterend, schuddend en slingerend hotsebotsen we tweeënhalf
uur later, compleet geklutst, de openbare weg weer op.
Zondag 15
december mogen we uitslapen, want we hoeven pas om 08.00 uur in Boquete te zijn. Die dag staat de combinatie-tour “ATV/Coffee” op het
programma.
We worden even kort geïnstrueerd en rijden, ieder op een eigen
ATV, het stadje uit waarna we al snel op de onverharde paden terecht komen. Het
is even wennen zo’n ATV, want ook die stuitert bij iedere kei of kuil alle kanten op en de
stuurtechniek is toch wel anders dan bij motorrijden. Maar al snel kachelen we met een gangetje van 35 km/uur omhoog naar de koffie-plantage “Milagros”.
Daar krijgen we
een uitgebreide rondleiding en is altijd weer verbazingwekkend hoe interessant
ogenschijnlijk simpele dingen worden als je er gedetailleerde uitleg over
krijgt.
Tijdens de terugweg gooit het weer roet in het eten want het begint te stortregenen en we scheuren op onze ATV’s zo snel mogelijk naar Boquete, waar ik tot de ontdekking kom dat mijn jas niet meer waterdicht is want ik ben tot op m’n ondergoed doorweekt!
Tijdens de terugweg gooit het weer roet in het eten want het begint te stortregenen en we scheuren op onze ATV’s zo snel mogelijk naar Boquete, waar ik tot de ontdekking kom dat mijn jas niet meer waterdicht is want ik ben tot op m’n ondergoed doorweekt!
Een vakantie is natuurlijk niet compleet zonder lekker eten en drinken, dus iedere avond vereren we Boquete met een bezoekje. En omdat we Panama toch al redelijk kennen, vinden we vrij snel de
lokale kroeg. Een bar waar geen blind paard schade kan doen en waar ons drankje
(un trago de seco con cola) slechts
USD 0,75 kost. Dat vinden wij nou de leuke zaakjes. Je hebt er altijd wel een
babbel met de barman of een stamgast, leert meestal wel iets van de lokale
gebruiken kennen en er zijn nooit toeristen. Dat laatste hebben we het weekend wel
geweten! Op zaterdag en zondag zit de bar bomvol indianen en dan blijken wíj
ineens de bezienswaardigheid. We worden met veel interesse bekeken en menigeen
loopt op ons af om ons welkom te heten, zich voor te stellen, te vragen waar we
vandaan komen of ons zomaar de hand te schudden...
Maandag 16 december bussen en boten we weer terug naar Bastimentos, waar we lekker kunnen uitrusten en nagenieten van onze vakantie.
Abonneren op:
Posts (Atom)

